Gevarenborden van categorie A zijn driehoekige borden met een rode rand die weggebruikers waarschuwen voor mogelijke gevaren. Deze borden staan meestal 150 meter voor het gevaar in de bebouwde kom en 300 meter buiten de bebouwde kom. Ze begrijpen is essentieel als je wilt anticiperen en je rijgedrag wilt aanpassen.
De kat. Gevaarstekens
Gevaarlijk links afslaan
Sein dat een gevaarlijke bocht naar links aangeeft

Gevaarlijke bocht naar rechts
Sein dat een gevaarlijke bocht naar rechts aangeeft

Gevaarlijke bocht – Dubbele bocht
Dubbele bocht of opeenvolging van meer dan twee bochten, de eerste naar links

Gevaarlijke bocht – Dubbele bocht
Dubbele bocht of een opeenvolging van meer dan twee bochten, de eerste naar rechts

Gevaarlijke afdaling
Signaal dat een gevaarlijke afdaling aangeeft

Steile klim
Signaal dat een steile klim aangeeft

Wegversmallingen
Versmalling van de rijbaan links en rechts

Vernauwing aan de linkerkant
Versmalling van de rijbaan aan de linkerkant

Versmalling naar rechts
Versmalling van de rechterrijstrook

Beweegbare brug
Signaal dat de aanwezigheid van een beweegbare brug aangeeft

Aanlanding op een kade of oever
Sein dat een uitgang naar een kade of oever aangeeft

Cassis of verkeersdrempels
Vervorming van de rijbaan die knikt, het is geen ontwikkeling. Geen snelheidslimiet, geen stop- of parkeerverbod, geen inhaalverbod.

Verhoogd(e) apparaat(en)
Verkeersremmende voorziening (Berlijns kussen of plateau). Maximumsnelheid 30 km/u, niet stoppen, niet parkeren en niet inhalen.

Glad wegdek
Bord voor gladde weg, met extra bord voor ijs of sneeuw

Projectie van grind
Signaal dat wijst op een risico van steenslag

Rotsval
Signaal dat duidt op gevaar voor steenval

Voetgangersoversteekplaats
Signaal dat een voetgangersoversteekplaats aangeeft

Plaatsen waar veel kinderen komen
Signaal dat een plaats aanduidt die vooral door kinderen wordt bezocht

Oversteekplaats voor fietsers en bromfietsen
Doorgang voor bestuurders van fietsen en bromfietsen op twee wielen, of plaats waar deze bestuurders vanaf een fietspad de rijbaan oprijden.

Overstekend groot wild
Signaal dat een gebied aangeeft dat wordt doorkruist door groot wild

Overstekend vee
Sein dat een oversteekplaats voor vee aangeeft

Werk
Sein dat werkzaamheden aan het spoor aangeeft

Verkeerslichten
Signaal dat de aanwezigheid van verkeerslichten aangeeft

Laag overvliegen
Signaal dat een gebied aangeeft dat wordt overvlogen door laagvliegende vliegtuigen

Zijwind
Signaal dat de aanwezigheid van sterke zijwind aangeeft

Tweerichtingsverkeer
Verkeer in beide richtingen toegestaan na een eenrichtingsweggedeelte. Dit bord wordt in de onmiddellijke nabijheid van het gevaar geplaatst, niet op 150 meter afstand.

Overweg met slagbomen
Sein voor spoorwegovergang beschermd door slagbomen

Overweg zonder slagbomen
Sein dat een spoorwegovergang aangeeft die niet is beveiligd met slagbomen

Enkelsporige spoorwegovergang
Sein geplaatst in de onmiddellijke nabijheid van de enkelsporige overweg, niet op 150 meter afstand

Overweg met meerdere sporen
Sein geplaatst in de onmiddellijke nabijheid van een overweg met twee of meer sporen, op niet meer dan 150 meter afstand

Spoorwegovergang
Kruising van de openbare weg door een of meer op de rijbaan aangelegde spoorbanen

Gevaar niet gedefinieerd
Gevaar dat niet wordt gedefinieerd door een speciaal symbool. Een extra teken geeft de aard van het gevaar aan

Bestand
Signaal dat de aanwezigheid van een rij voertuigen aangeeft

Kennis van deze gevarentekens is van fundamenteel belang voor alle bestuurders. Ze stellen hen in staat te anticiperen op risicovolle situaties en hun snelheid en rijgedrag daaraan aan te passen. Let vooral op deze rode driehoekige borden, die het eerste waarschuwingsniveau op de weg vormen.

